Search
× Search

Na het overlijden

Als je kindje overlijdt bij de geboorte, dan duiken er plots ook veel praktische vragen op waar je als jonge ouder nog nooit hebt bij stilgestaan. Mag ik mijn kindje een naam geven? Mag ik mijn kindje begraven? Heb ik recht op bevallingsverlof? Je hebt meestal maar enkele dagen tijd om belangrijke beslissingen te nemen. De antwoorden op de meeste vragen zijn afhankelijk van het 'statuut' van je kindje. De Belgische wetgeving onderscheidt 3 situaties:

  1. Je kindje werd levenloos geboren na een zwangerschapstermijn van minder dan 180 dagen.
  2. Je kindje werd levenloos geboren na een zwangerschapstermijn van meer dan 180 dagen.
  3. Je kindje werd levend geboren. De aanwezige arts of vroedvrouw bepaalt of je kindje levend geboren werd.

 

1.  Je kindje werd levenloos geboren na een zwangerschapstermijn van minder dan 180 dagen

Er wordt geen enkel wettelijk document opgemaakt. Er is geen aangifte- of begraafverplichting. Je kindje wordt niet ingeschreven in geboorte/overlijdensregisters, en krijgt dus officieel geen naam. Je mag natuurlijk wel zelf je kindje een naam geven. Crematie is toegestaan.

Begraven is mogelijk op eenvoudig verzoek, via de begrafenisondernemer of de burgerlijke stand. Je mag je kindje begraven vanaf een bepaalde zwangerschapstermijn. Deze termijn is echter afhankelijk van het gewest waarin je woont. In het Vlaamse gewest moet er in elke gemeente een ruimte voorzien worden om te vroeg geboren kindjes te begraven vanaf een zwangerschap van 12 weken, in het Brusselse hoofdstedelijk gewest vanaf 16 weken, in Wallonië vanaf 14 weken.

De wijze waarop de begraving plaatsvindt wordt op niveau van de gemeenten gereglementeerd.
Meestal is dit op een anonieme foetusweide. In sommige gemeenten staat men toe om je kindje te begraven in een afzonderlijk kindergrafje. Vraag dit zeker na bij je gemeente! Er is geen verplichting om zelf voor een begrafenis te zorgen. Soms regelt het ziekenhuis een waardig afscheid, soms wordt het kindje ook meegegeven met het ziekenhuisafval.

Je hebt geen recht op sociale tegemoetkomingen, m.a.w. je krijgt geen bevallingsverlof, kraamgeld, of klein verlet bij een overlijden.

 

2.  Je kindje werd levenloos geboren na een zwangerschapstermijn van meer dan 180 dagen

Er wordt een akte van 'levenloos aangegeven kind' opgemaakt. Het kind wordt enkel ingeschreven in de overlijdensregisters. Sinds 1999 kan je je kind één of meerdere voornamen geven. Sinds 2007 (wet op de afstamming) mag de naam van de vader ook op de akte vermeld worden. Deze vermelding is niet hetzelfde als een erkenning.
Heb je als ongehuwde vader je kindje erkend vóór de geboorte, dan vervalt deze erkenning bij een doodgeboorte.

Er is een verplichting tot begraving of crematie.
In de meeste gemeenten is er een apart veldje waar kleine kinderen begraven worden. Vraag zeker na in je gemeente voor welke periode de concessie geldt en of je deze al dan niet kan verlengen.

Je hebt recht op sociale tegemoetkomingen zoals bevallingsverlof, kraamgeld, … De vader heeft recht op klein verlet voor de geboorte en het overlijden. In het jaar van geboorte is je kindje ook fiscaal ten laste.

 

3.  Je kindje werd levend geboren

Het is de aanwezige arts of vroedvrouw die vaststelt of je kindje levend geboren werd. Hoe vreemd het ook lijkt, de zwangerschapsduur speelt hier geen enkele rol.
Er moet een geboorteakte en een overlijdensakte opgemaakt worden, ongeacht de zwangerschapsduur of het geboortegewicht.
Indien de aangifte van de geboorte op de burgerlijke stand samen met deze van het overlijden wordt gedaan, dan wordt het kind enkel ingeschreven in het overlijdensregister. Artsen hebben soms hun eigen interpretatie over 'levend' of 'dood'. Dikwijls wordt er een beslissing genomen 'in het belang van de ouders' zonder hen daarin te kennen.  Misschien vanuit de overtuiging ouders niet te willen belasten met de administratieve rompslomp. Nochtans maakt die beslissing voor de ouders een wereld van verschil.

Terminologie

In de medische wereld gebruikt men verschillende normen rond 'perinatale sterfte'. Hoe zit het juist in elkaar?
Het SPE (Studiecentrum Perinatale Epidemiologie) hanteert volgende begrippen en normen. Deze worden ook gebruikt door de WGO (Wereldgezondheidsorganisatie).
 

Verlossing
Geboorte van één of meer kinderen met een gewicht van ≥ 500 gram uit één moeder.

Geboorte
Geboorte van één kind, levend of dood, van ≥ 500 gram of van ≥ 22 weken bij onbekend geboortegewicht. Indien beiden onbekend dan geldt een lengte van ≥ 25 cm als criterium.

Vroeggeboorte
Bevalling voor de 37ste zwangerschapsweek.

Laag geboortegewicht
Een geboortegewicht < 2 500 gram.

Foetale sterfte
Ieder doodgeboren kind van ≥ 500 gram.

Vroeg-neonatale sterfte
Overlijden van een levend geboren kind van ≥ 500 gram, vόόr de 8ste dag na de geboorte.

Perinatale sterfte
De som van de foetale sterfte en de vroeg-neonatale sterfte.

Neonatale sterfte
Overlijden van een levend geboren kind van ≥ 500 gram tot en met de 28ste dag na de geboorte.

Post-neonatale sterfte
Overlijden van een levend geboren kind van ≥ 500 gram, vanaf de 29ste dag tot en met de 365ste dag na de geboorte.

Zuigelingensterfte
Overlijden van een levend geboren kind van ≥ 500 gram binnen het eerste levensjaar.

Foeto-infantiele sterfte
De som van de foetale sterfte en de zuigelingensterfte.

Statistiek

Hoe vaak komt het overlijden van een baby nog voor?

In het jaar 2009 overleden 5,8 baby’s op duizend (0,58 %) in Vlaanderen. Dit cijfer bevat zowel de foetale als de vroeg-neonatale sterfte van kinderen met een geboortegewicht van 500 gram of meer. Dit is het laagste cijfer ooit in Vlaanderen geregistreerd.
Houden we enkel rekening met de baby's waarvan het geboortegewicht 1000 gram of meer bedraagt, dan daalt de perinatale sterfte naar 0,34 %.
Op een totaal aantal geboorten van 68.774 overleden 397 kinderen.
Binnen de groep met een geboortegewicht van 500 tot 999 gram zijn er 112 baby's in de baarmoeder en 50 vroeg-neonataal overleden. De perinatale sterfte in deze erg kwetsbare groep bedraagt hiermee 47 %.
In 1991 bedroeg het aantal overlijdens nog 0,84 %.

Wat zijn de voornaamste doodsoorzaken?

De doodsoorzaken van de pasgeborene zijn de voorbije tien jaar amper gewijzigd. Aangeboren misvormingen blijven een belangrijke doodsoorzaak. In heel veel gevallen vindt men gewoon geen oorzaak. In 4 op 10 gevallen van perinatale sterfte is niet geweten waarom het kind overleden is. Voor 2009 zijn volgende gegevens bekend, voor baby’s met een geboortegewicht van meer dan 500 gram:

- Doodgeboren en normaal gevormd: 28,9 %
- Aangeboren misvorming: 25,8 %
- Laag geboortegewicht: 11,2 %
- Hoge bloeddruk of andere ziekte bij moeder: 2 %
- Loslating placenta: 4,8 %
- Zuurstofgebrek en/of trauma bij de baby: 10,7 %
- Oorzaak onbekend: 9,6 %

Voor de omgeving

Herinner mij.
Verberg mijn naam niet
tussen de plooien van verdriet.
Bewaar hem als een houvast
of een lied
dat door je hoofd blijft spelen.
Zolang ik voort besta
in tekens en verhalen,
zolang nog hoor ik bij dit leven.

Kris Gelaude

 

Wat is troosten?

Geen kind is zo aanwezig als het kind dat wordt gemist

Troosten is niet doen alsof er niets gebeurd is en het overleden kind 'doodzwijgen' om de ouders niet nog meer verdriet en pijn te bezorgen.

Ga een ontmoeting niet uit de weg omdat je niet weet wat je moet zeggen. Ook door de ouders te laten weten dat je geen woorden vindt, geef je te kennen dat het verlies van hun kindje je raakt.

Troosten is niet onmiddellijk de tranen van de ouders willen drogen. Het is niet wegnemen van verdriet of opvrolijken of zorgen voor afleiding.

 

En je huilt omdat in je tranen je liefde ligt

Troosten is er zijn, is het reiken van een hand. Het is het bieden van tijd en ruimte om het verdriet en de pijn toe te laten in plaats van toe te dekken. Het is luisteren naar het verhaal van de ouders, het verhaal van hun kind.

Troosten is het erkennen van de gevoelens van de ouders.
Het is de leegte leeg laten zijn en in die leegte tot een verbondenheid komen met de werkelijkheid.
Het is aftasten en de ouders de kans geven zich te voelen zoals ze zich op dat moment voelen.
Iemand nabij zijn in een bepaald gevoel kan pas als je dat gevoel bij jezelf kunt toelaten.
Hoe ga je zelf om met verlies, verdriet, pijn, boosheid, angst, …?

Als je iemand troost, dan ben je niet alleen maar iemand die geeft. Je ontvangt ook heel veel. Een kostbaar verhaal wordt met je gedeeld.

Troosten kan ook met een kaartje met lieve woorden, met poëzie, met een veelzeggende blik, een warme omhelzing, een tastbaar troostgeschenkje, helpende handen in het huishouden, het aanbieden van een verse maaltijd, het uitnodigen van de ouders bij je thuis voor een etentje, …

Ook na jaren kan een teken van troost bij een belangrijke datum nog heel waardevol zijn.

 

Tips om te praten met ouders van een overleden baby

Uitnodigen om te praten

Zeg: “Wat gaat er in je om? Hoe voel je je?”
Zeg niet: “Laat maar weten als je wil praten.”


Luisteren

Laat de ouders vertellen en begin niet over eigen verlieservaringen, of die van een buurvrouw of vriendin van een tante. Begin ook niet over wereldproblematieken. Daar hebben ouders niets aan.
Misschien worden er steeds dingen herhaald, dat hoort bij een rouwproces. Laat de ouders voelen dat dit kan.
Respecteer het als ouders niet wensen te praten over het verlies van hun kindje.


Praat ook over andere onderwerpen

De ouders zijn meer dan alleen ouders van een overleden baby.
De moeder is ook een mama die pas bevallen is, met dezelfde kwaaltjes.
Naast het verdriet zijn ouders ook onnoemelijk fier op hun kindje.


Niet oplossen

Zeg nooit: “Het komt allemaal wel goed.” Probeer de situatie niet op te lossen.
Er bestaat geen oplossing.
Vermijd andere kwetsende opmerkingen zoals:
"Jullie zijn nog jong."
"Begin maar snel opnieuw!"
"Het zou toch een zorgenkindje geweest zijn."
"Het is misschien beter zo."
"Je hebt er toch nog eentje."
"Gelukkig heb je je er niet aan kunnen hechten."
"Tijd heelt alle wonden."


Actief hulp aanbieden

Bied zelf hulp aan, wacht niet tot de ouders ernaar vragen.
Zeg niet: “Geef jij maar aan wanneer je me nodig hebt.” Dat werkt niet.
Mensen die hulp nodig hebben vinden het vaak moeilijk om ernaar te vragen.


Timing

De kwaliteit van een gesprek of een bezoek zit niet in de lengte ervan.
Probeer aan te voelen wanneer het voldoende is.


Sorry

Per ongeluk toch iets ‘verkeerds’ gezegd?
Maak het niet te groot en bied je excuses aan.

Voor professionelen

Met Lege Handen is, naast een zelfhulpgroep voor ouders van een overleden baby, ook een vereniging die actief samenwerkt met andere groepen of organisaties zoals ziekenhuizen, onderwijsinstellingen, Kind en Gezin, expertisecentra kraamzorg, OVOK (Ouders van een Overleden Kind), ... Deze samenwerkingsverbanden worden gestuurd vanuit onze werkgroepen.


Lezingen/getuigenissen

Met Lege Handen komt graag vanuit haar eigen ervaring getuigen over het verlies van een kindje en een lezing geven rond rouwverwerking, omgaan met vreugde en verdriet, omgaan met ouders van een pas overleden baby, ... Een lezing wordt meestal aangevraagd voor laatstejaarsstudenten die in aanraking zullen komen met ouders van een overleden baby of voor mensen die reeds werkzaam zijn op verloskunde, neonatologie, ...

De lezing is steeds vraaggestuurd en op maat van de doelgroep.

Info en prijzen kunnen opgevraagd worden via info@metlegehanden.be.


Publicaties

Naast deze lezingen biedt Met Lege Handen eveneens twee publicaties aan: een flyer en een boekje Afscheid nemen.

Meer info onder Informatie - Publicaties.


Met Lege Handen steunen?

Onze vereniging wordt gedragen door vrijwilligers. Draag je onze vereniging een warm hart toe en wil je Met Lege Handen een financieel steuntje in de rug bieden?  Binnen de rubriek Lid worden vind je meer informatie.
Met de opbrengst van de flyers, boekjes, lezingen/getuigenissen en met de ledenbijdrage financieren we onze werking.  Het organiseren van o.a. praatgroepen, de jaarlijkse viering, het drukken/verzenden van het ledentijdschrift wordt hierdoor mogelijk.

Wetgeving

Decreet begraafplaatsen vlaams gewest

Tekst aangenomen op de plenaire vergadering van het vlaams parlement op 7 januari 2004

Download

Belgische wetgeving

Huidige situatie

Ondertussen zijn er al verschillende wetsvoorstellen ingediend om de wetgeving aan te passen. Om goed te begrijpen wat daarin gevraagd wordt, vind je hier een overzicht van de huidige situatie.

Download
Copyright 2020 Met Lege Handen
Back To Top